Of we weer gezellig willen meedoen aan een vrijwilligersproject van zijn werkgever, e-mailt manlief. Gezellig. Een relatief begrip.

Het betreft een schoonmaakproject van een stukje strand in Friesland. Ik heb niets met schoonmaken. Noch met Friesland. Kent u die Facebookactie nog waarin we werden opgetrommeld met een schep de grenzen van Friesland te bewerken en zo de provincie af te scheiden van Nederland? Daar heb ik meer mee.

Maar vooruit, ik bekijk de uitnodiging. Manlief werkt voor een Amerikaans bedrijf. Dus we spreken niet over een schoonmaakactie maar over een Beach Clean Up. Alleen dat al. ‘Koffie, drankje en kleine versnappering aanwezig!’ staat op de flyer. Tuurlijk. Taal is zeg maar niet ieders ding.

We zijn wel vaker aangetreden bij vrijwilligersprojecten van deze werkgever. Iets letterlijks met ups en downs. Manlief is dan steevast enthousiast, wellicht omdat hij zulke dingen organiseert. De kinderen trekken braaf hun goeie pakkie an, leren links en rechts wat nieuwe woordjes en ontwijken behendig rondvliegende dartpijlen, biljartkeuen en sjoelstenen. Ik ga ook wel eens mee. Als het écht niet anders kan. Niet dat ik vies ben van vrijwilligerswerk, maar ik ben nog minder vies van een vrije zondag.

“En? Gaan we? Lijkt me hartstikke leuk! Lekker met de hond aan het strand. Gaan we meteen door naar die verjaardag in Zwolle,” doet manlief er iets later telefonisch bovenop. “Op zondag om half-fucking-tien in de auto, voor zoiets, in zo’n provincie?” antwoord ik genuanceerd. “En wat is een versnappering precies?” “Oh nee, stond dat er? Nou, dan weet ik het wel.” Ik hoor de teleurstelling door de speaker. Dus opper ik om het ’s avonds rustig aan de kinderen voor te leggen.

“Voel eens bij je pinda!” roept dochterlief verbijsterd. “Maar dan kunnen we lekker met de hond naar het strand,” probeert haar vader. “Met prikstok en versnappering, met koffie én iets te drinken!” vul ik aan. Mijn enthousiasme werkt aanstekelijk: “No fucking way” is haar antwoord. Zit ze taaltechnisch toch nog een béétje op één lijn met haar vaders baas. Hebben we alleen het oordeel van haar broertje nog om de meningen in evenwicht te brengen. Maar die slaapt in het heetst van deze strijd.

Mocht u ons zondagochtend naar Friesland zijn rijden, dan weet u iets over zijn mening en de vrouwelijke ruimhartigheid in ons gezin. Ik wens u een fijn weekend. Gezellig.

Categorieën: Columns